Geen producten
Citroenboom
De citroenboom is een Zuid-Europese vruchtendrager die veel licht nodig heeft om goed te groeien en citroenen te produceren. Met de juiste standplaats, regelmatig water en goede verzorging geeft hij je maandenlang oogsten.
Standplaats
De citroenboom wil zoveel mogelijk rechtstreeks zonlicht. Zet hem op een plek waar hij minstens zes uur per dag in de zon staat. Dit kan binnen op een zonnig raam zijn, of buiten op een beschermd plekje.
Het plekje moet ook windstil zijn, want felle wind droogt de boom uit. Zet hem niet direct naast een radiator of verwarmingselement: warme, droge lucht bevalt hem niet.
Zet de boom pas naar buiten wanneer de nachtvorst voorbij is. In het najaar haal je hem weer naar binnen voordat de temperatuur onder de vijf graden Celsius daalt.
Water geven
De citroenboom houdt van vochtige, maar niet natte grond. Geef water zodra de bovenste laag van de grond droog aanvoelt. In het groeizoen (lente en zomer) is dat meestal twee keer per week, in winter veel minder.
Gebruik liefst regenwater of gekookt en afgekoeld water. Zorg dat overtollig water altijd uit de pot kan via de drainagegaten, zodat wortels niet in water staan.
In de winter geef je alleen genoeg water om de grond niet volledig uit te laten drogen. Een droge boom overleeft de winter beter dan een natte.
Bemesting
Gedurende het groeizoen (april tot september) geef je elke twee weken voeding. Gebruik een voeding die speciaal voor citrus is gemaakt, of voor fruitbomen. Dit levert de mineralen op die de boom nodig heeft voor vruchten.
In herfst en winter stop je met bemesten. De boom groeit dan langzamer en heeft minder voeding nodig.
Overwinteren
De citroenboom verdraagt vorstachtige temperaturen slecht. Zet hem op een koele plek binnen zodra het 's nachts onder de vijf graden Celsius wordt. Dit kan een onverwarmde zonnige kamer zijn, een kas, of een broeikas.
Zorg dat hij ook 's winters veel licht krijgt. Een plek dicht bij het raam is ideaal. De temperatuur mag tussen de drie en tien graden Celsius liggen.
Geef in de winter minder water dan in de zomer, maar laat de grond nooit helemaal uitdrogen. Blad en bloemen kunnen in de winter afvallen, dat is normaal en geen reden tot bezorgdheid.
Gele bladeren en bladverlies
Gele bladeren kunnen verschillende oorzaken hebben. Het meest voorkomend is watergeven: te veel water laat de wortels rotten, te weinig water maakt de bladeren geel en dor.
Controleer ook de drainagegaten in de pot. Zijn die dicht, dan staat overtollig water vast. Zorg dat het water vrijuit kan weglopen.
Een lichte geelverkleuring kan ook door een tekort aan voeding komen. Geef dan voeding en wacht twee tot drie weken: de nieuwe bladeren worden meestal weer groen.
Bladverlies in de winter is normaal als de boom in een koude omgeving staat. Zorg wel dat hij veel licht krijgt. In het groeizoen (lente en zomer) mag je bladverlies niet zien. Dat wijst meestal op water- of lichtproblemen.
Snoeien
Snoeien is niet strikt nodig, maar je kunt het doen om de boom in vorm te houden. Het beste moment is in het laat voorjaar, na de winterslaap.
Verwijder takken die dood zijn, elkaar kruisen of naar binnen groeien. Snoeien bevordert ook dat de boom meer vertakt en dus voller wordt.
Snoeiwonden hoef je niet in te smeren. De boom geneest vanzelf. Gebruik scherpe snoeischaren en maak schone sneden, zodat geen twijgen splinteren.
Verpotten
Verpot de boom in het vroege voorjaar, zodra hij weer begint te groeien. Dit hoeft niet elk jaar: eens per twee of drie jaar is meestal genoeg.
Kies een pot die één maat groter is dan de huidige. Gebruik potgrond voor citrus of fruitbomen, of maak je eigen mengsel met twee delen tuingrond en één deel zand voor goede doorlaatbaarheid.
Zorg dat de pot drainagegaten heeft. Vul de bodem met een laag potgrond voordat je de boom erin zet, en vul daarna ringsom aan. Druk de grond zachtjes aan.
Geef na het verpotten water, zodat de grond goed om de wortels sluit. Zet de boom daarna een week lang uit direct zonlicht, zodat hij kan herstellen.
Ziekten en plagen
Zacht snuitkevers, witte vlieg en spintmijten houden van citrusbomen. Je ziet ze aan vergeelde bladeren, plakkerige uitscheidingen, of heel fijne spinnenwebben.
Bestrijden kan door de boom regelmatig met water te besproeien: dit verwijdert veel plagen en verhoogt de luchtvochtigheid, wat schadelijk is voor spintmijten. Bij sterke aantasting gebruik je een biologisch bestrijdingsmiddel.
Schimmels ontstaan vooral door vocht en slechte luchtcirculatie. Zorg voor goede ventilatie en laat de bladeren niet te nat worden. Verwijder aangetaste bladeren meteen.
Bloei en vruchten
De citroenboom bloeit in het voorjaar met witte, geurige bloemen. Deze bloemen worden later citroenen, mits de boom zich lekker voelt en goed voeding krijgt.
Voor rijke bloei en vruchten is veel licht noodzakelijk. Een boom op een donkere plek zal veel minder bloemen zetten. Als hij niet bloeit, controleer allereerst of hij genoeg zon krijgt.
De bloemen worden meestal vrucht zonder dat je iets hoeft te doen. Een boom kan elke twee weken enkele bloemen geven, dus je kunt het hele jaar citroenen oogsten.
Vers geplukte citroenen zijn eetbaar. Ze rijpen niet meer na het plukken, dus oogst ze pas wanneer ze geel zijn en zacht aanvoelen.