Geen producten
Kumquat
De kumquat is een compacte citrusboom die ook op een balkon of terras groeit. Hij houdt van veel licht en warmte en draagt kleine, eetbare vruchten die je direct van de boom kunt eten.
Standplaats
Zet de kumquat op een plek met minstens vier tot vijf uur direct zonlicht per dag. Hoe meer zon, hoe meer vruchten krijg je. Een zonnig raam of een plaats buiten op het zuiden is ideaal.
Zorg dat hij uit de wind staat. Sterke tocht kan bladeren doen afvallen. Als je hem in huis zet, plaats hem niet direct naast een verwarmingsradiator, omdat de lucht daar te droog wordt.
Water geven
Water de kumquat regelmatig zodat de grond vochttig blijft, maar niet nat. Steek je vinger twee centimeter in de aarde: voelt die droog aan, dan mag je water geven.
In het groeiseizoen (april tot oktober) heeft hij meer water nodig dan in de winter. Zorg dat overtollig water altijd uit de pot kan via de drainagegaten.
In de winter geef je alleen genoeg water om de grond niet volledig uit te laten drogen. Check eens per twee weken of hij vocht nodig heeft.
Bemesting
Geef voeding tijdens het groeiseizoen, van april tot oktober. Een vloeibare citrusmest elke twee tot vier weken volstaat. Volg de hoeveelheid op de verpakking.
In de herfst en winter geef je geen voeding. De boom groeit dan langzamer en heeft minder voedingsstoffen nodig.
Overwinteren
De kumquat is niet helemaal winterhard in Noord-Europa. Zet de boom pas naar buiten wanneer de nachtvorst voorbij is.
Tijdens Noord-Europese winters zet je hem het best op een zonnige, koele plek in huis, bijvoorbeeld bij een goed verlicht raam. Een temperatuur tussen 5 en 15 graden Celsius is ideaal. Hij kan ook buiten blijven staan als je hem op een droge plek beschermt tegen vorst en stormwind.
Water je hem in de winter, zorg dan wel dat de pot goed afwatert. Natte wortels in de kou gaan snel rotten.
Gele bladeren en bladverlies
Gele bladeren kunnen verschillende oorzaken hebben. Controleer eerst of je geen bladluis of spinmijt ziet (zie ook het onderwerp Ziekten en plagen).
Gele bladeren kunnen ook komen van gebrek aan voeding. Zorg dat je in het groeiseizoen regelmatig bemest.
Bladverlies gebeurt vaak omdat de plant zich aanpast aan een plotselinge temperatuurverandering of verhuizing. Dit is normaal. De boom heeft enige tijd nodig om aan zijn nieuwe omgeving te wennen. Zorg voor veel licht en geduld.
Te veel water of slecht afwaterende grond veroorzaakt ook bladverlies. Controleer of de drainagegaten van je pot open zijn.
Snoeien
Je hoeft de kumquat niet altijd te snoeien. Snoeien helpt je vooral hem compacter te houden en meer zijttakken aan te maken.
Snoeien doe je in het vroege voorjaar, vlak voordat hij begint te groeien. Knip de toppen van lange scheuten af, op twee tot vier centimeter van een blad. Dit stimuleert nieuwe vertakkingen.
Verwijder ook dode, beschadigde of zwakke takken. Snijdend gereedschap moet je steeds schoonmaken zodat je geen ziekten verspreidt.
Verpotten
Verpot de kumquat elke twee tot drie jaar in het vroege voorjaar. Kies een pot die twee tot drie centimeter groter in doorsnee is dan de vorige.
Gebruik goed drainerende grond, bijvoorbeeld citrusaarde of grond met extra perliet. Zorg dat de drainagegaten open en duidelijk zichtbaar zijn.
Na het verpotten geef je geen voeding voor minstens vier weken. De vers aangevoerde grond bevat meestal al voldoende voedingsstoffen.
Ziekten en plagen
De kumquat kan last krijgen van spinmijt, bladluis en wolluis. Deze plagen zie je snel: kleverige laagjes op bladeren, witte vlokken, of fijne spinnenwebbes.
Begin met de plant goed schoonmaken met water. Spuit hem zacht af onder de kraan. Dit helpt al veel tegen lichte aantastingen.
Is het erger, gebruik dan een biologisch insecticide en spuit de onderkanten van alle bladeren in. Herhaal dit elke tien tot veertien dagen tot de plaag weg is.
Zorg dat je de plant regelmatig controleert. Vroeg ontdekken voorkomt ergere schade.
Bloei en vruchten
De kumquat bloeit doorgaans in het voorjaar met witte, geurige bloemen. Ze worden bevrucht door insecten, of je helpt door met een penseeltje zacht over de bloem te gaan.
Na de bloei groeien kleine, ronde vruchten. Deze rijpen langzaam. Afhankelijk van de soort zijn ze oranje of rood als ze klaar zijn om te eten, wat enkele maanden kan duren.
Veel vruchten betekent veel energie voor de boom. Als hij bijzonder veel vruchten draagt, kun je er enkele verwijderen zodat de rest groter wordt. De boom heeft veel licht en regelmatige voeding nodig om goed te bloeien en vrucht te dragen.